03-04-2024

Afwachten of aanjagen – De rol die je als beleidsmaker hebt

Op 21 maart kwamen beleidsmakers en verschillende netwerkpartners samen in de Emmaüskerk in Eindhoven. Deze sessie stond in het teken van de rol die je als beleidsmaker kan hebben in het initiëren en continueren van de samenwerking tussen bewonersbedrijven en gemeenten. 

In toenemende mate verschijnen bewonersbedrijven in verschillende buurten die niet afwachten en initiatief tonen. Deze bedrijven zijn eigendom van bewoners en dragen met hun activiteiten en opdrachten significant bij aan de lokale economie van de wijk. Een ideale samenwerkingspartner voor iedere gemeente, toch? 

Maar hoe kan je als gemeente faciliteren om initiatieven zo snel mogelijk te laten starten? En hoe geef je ondersteuning en continuïteit aan bewonersinitiatieven die een onafhankelijk bewonersbedrijf willen worden? Tijdens deze bijeenkomst stond de rol die gemeenten kunnen spelen in het (al dan niet) aanjagen van bewonersbedrijven centraal. 

De kracht van het onbekende 

Leyla Kalender – mede-oprichter van Stichting Ik Wil – vertelt over de verbindende schakel die het bewonersbedrijf vormt tussen ambtenaren en nieuwe of moderne initiatieven, vaak ook binnen culturele groepen in de wijk.  

Stichting Ik wil is een ontmoetingscentrum voor en door bewoners van de wijk Woensel-West (Eindhoven), die lange tijd bekend heeft gestaan als probleemwijk. Het bewonersbedrijf verzorgt een groot aantal activiteiten – waaronder sporten, koken en tekenen voor de basisdagbesteding voor veel mensen uit de omgeving. Verder is er een sociaal inloopspreekuur, zijn er Nederlandse lessen en zorgen al deze dingen samen met het feit dat ze een fysieke baken zijn, voor verbinding in de wijk.  

“Samen bouwen we aan een wijk waarin iedereen zich thuis voelt” 

Over de rol van de gemeente zegt Leyla dat ambtenaren vaker moeten kijken naar startende initiatieven, mensen die iets beginnen vanuit hun eigen ervaring. Sleutelpersonen van bewonersinitiatieven worden vaak overvraagd. “Bekende en bewezen initiatieven zijn wel te vinden, maar de kracht zit hem juist in het bruggenbouwen”.  

Eén ambtenaar in de zaal vertelt dat hij graag meer wil samenwerken met bewonersinitiatieven in zijn gemeente, maar dat hij ze nog niet heeft kunnen vinden. Leyla geeft hem mee dat er een verschil is tussen het afwezig zijn van initiatieven, en deze niet kunnen vinden “zijn ze er niet, of zie je ze niet?”. 

Verder geeft Leyla de ambtenaren in de zaal nog een tip: investeer in informele partijen en migrantengroepen. Zelf bracht ze de gemeente laatst bijvoorbeeld in contact met Syrische en Somalische netwerken. Ten slotte hoopt Leyla dat de gemeente zelf ook aan de bel durft te trekken: “durf een hulpvraag neer te leggen in de gemeenschap, dan zal je zien dat er legio antwoorden komen.”  

De gemeentelijke rol in het stimuleren van bewonersbedrijven 

Kees Adema, themamanager ontmoeten bij de gemeente Zaandam, benadrukt de gebiedsgerichte aanpak en het belang van zowel formele als informele initiatieven in buurten. Hij ondersteunt 19 buurthuizen in de gemeente, waarbij hij uitgaat van de zelfstandigheid van de organisaties. 

Dat is nogal een uitdaging en hij legt dan ook de vraag in de groep hoe hij dit het beste kan inrichten en welke organisaties je wel en niet moet ondersteunen. Belangrijke lessen zijn om niet alleen naar stichtingen of verengingen te kijken maar ook naar informeel georganiseerde groepen. Er is veel meer nodig dan de mensen die nu bij grote wijkcentra zitten, zij hebben niet altijd de juiste connecties in de buurt. Kijk eens buiten het centrum van de stad en maak het niet te snel bureaucratisch maar begin van onderop.

De doorontwikkeling van het wijkbedrijf en vertrouwen vanuit ambtenaren 

Wietske Schober – directielid bij (sociaal) architectenbureau KAW – kreeg de opdracht van de gemeente Groningen om te helpen bij de wijkvernieuwing in Selwerd, een wijk aan de rand van de stad Groningen. Het project wat Sunny Selwerd genoemd wordt, is begonnen in 2018 en zal tot 2028 werken aan vier kerndoelen: gezond blijven, betaalbaar en duurzaam wonen, een veilige en aantrekkelijke woonomgeving en meedoen.  

Er was vanuit de gemeente de wens om te zorgen dat iedereen tot zijn recht komt en op een gelijkwaardige manier kan deelnemen aan de samenleving. Volgens Wietske heeft de gemeente Groningen hier echt de nek voor uitgestoken met Sunny Selwerd, door de belofte te doen voor een financiering van minimaal tien jaar.  

Binnen de gebiedsontwikkelingsaanpak is initiatief genomen tot Wijkbedrijf Selwerd. Het wijkbedrijf is een initiatief dat bewoners stimuleert om ambities en talenten te ontdekken en zich te ontplooien. Sinds het begin heeft de gemeente een rol genomen die voor veel vertrouwen en ruimte zorgt naast het financieren van professionele ondersteuning bij het project. De casus van het wijkbedrijf Selwerd laat zien dat wijkbedrijven door verschillende fasen gaan: in het begin is er enorm veel energie en inzet vanuit bewoners, daarna komt een fase van professionalisering van de organisatie en inbedding van de kernactiviteiten. In het begin is er veel bereidheid voor vrijwillige inzet, de fase erna vraagt meer financiële ondersteuning van die inzet. Dat maakt ook dat de behoefte vanuit initiatieven naar de gemeente verandert over de tijd.  

Wietske geeft de beleidsmakers een aantal tips mee: 

  • Belangrijk is een verschuiving van een houding van controle naar een houding van vertrouwen. De maatschappelijke waarde is vaak lastig in kaart te brengen, maar het is er wel degelijk. Durf daarop te vertrouwen.  
  • Faciliteer een fysieke plek. Dat is cruciaal voor ondernemende initiatieven. 
  • Stel iemand beschikbaar die kan ondersteunen in de financiën op orde maken.  

Het creëren van een vruchtbare bodem voor initiatieven 

Joop Petit – architect en sociaal ondernemer – sprak over het belang van groot durven denken en het creëren van een vruchtbare bodem voor initiatieven, met voorbeelden zoals het initiatief Watersley en andere projecten waarbij participatie en samenwerking met lokale overheden centraal staan. 

Watersley is een groot sportpark waar huisvesting mogelijk is voor 500 talenten. Porthos Watersley creëert een sociaal maatschappelijk draagvlak op- en rondom het inspirerende park om de ontwikkeling en groei van deelnemers, de topsporttalenten en het park te bevorderen. Participatie staat boven alles: iedereen moet mee kunnen doen. 

Joop vindt het belangrijk dat alle risico’s met vertrouwen worden gedragen. “In onze contracten staat dat je op mag zeggen als je geen toegevoegde waarde meer voor ons ziet.” 

Daarnaast is Joop onder andere bezig met de ontwikkeling en realisatie van Holikiday locaties in Limburg: woningen voor kwetsbare ouderen met een kleine portemonnee. Hier wonen bewoners zelfstandig waardoor ze zelf de regie hebben en staan de mensen voorop en niet het systeem.  

Afwachten of aanjagen 

We leerden we dat er veel meer talent in de gemeenschap is als je anders en beter kijkt. Dat er altijd geld rondgaat in een wijk dat kansen biedt voor een bewonersbedrijf. En dat oude economische modellen uit zijn en nieuwe ondernemende gemeenschapsoplossingen voor maatschappelijke vraagstukken in. Vertrouwen vanuit de gemeente en kijken naar informeel georganiseerde groepen komen als rode draad steeds terug.  

Gezamenlijk kwamen we tot de conclusie dat er niet zoiets is als een blauwdruk voor bewonersbedrijven, net zo min als een blauwdruk voor de rol van beleidsmakers in de samenwerking met bewonersbedrijven. Maar misschien is er wel een blauwdruk voor de fases waar bewonersbedrijven doorheen gaan. Je rol bepalen als beleidmaker gaat daarom vooral om het herkennen van de fase waar een bewonersbedrijf zich in bevindt en daar de houding op aanpassen.  

Afwachten of aanjagen? Het flauwe antwoord is dus allebei…